|
World Stroke Day
Een beroerte of CVA (Cerebrovasculair Accident) betekent letterlijk een ongeluk in de bloedvaten van de hersenen. Er zijn twee vormen waarin een beroerte kan voorkomen: een herseninfarct en een hersenbloeding. In België doen zich 52 CVA’s per dag voor, met belangrijke gevolgen voor de patiënt en zijn omgeving. Een beroerte of stroke of nog cerebrovasculair accident (CVA) is een ernstige stoornis in de bloeddoorstroming van de hersenen. Dit kan ofwel een bloeding zijn in ongeveer 20% van de gevallen ofwel in het grootste deel der gevallen een bloedklonter waarbij men dan spreekt van een ischemisch CVA of herseninfarct. In België bedraagt de incidentie van CVA 185 per 100.000 inwoners per jaar. Hiervan overlijdt 6% binnen de 24 uur en 29% binnen de eerste maand na het CVA. Twaalf maanden na beroerte, is bijna de helft, namelijk 47%, van de patiënten overleden, overeenkomend met een sterftecijfer van 88 per 100,000 inwoners. Geschat wordt dat ongeveer 30% van de patiënten na een CVA blijvend invalide is en afhankelijk is van de hulp van naaste familieleden, hetgeen betekent dat per jaar ongeveer 19.000 families in België direct geconfronteerd worden met de gevolgen van een CVA. Ruim een derde van de patiënten ontwikkelt een depressie na een CVA. In een studie voldeed 20% van de patiënten aan diagnostische criteria voor majeure of mineure depressie tot 7 jaar na doorgemaakt CVA. Cognitieve stoornissen en dementie komen voor bij 37% respectievelijk 20-24 % van de patiënten 3-6 maanden na doorgemaakt CVA. Naast de dramatische gevolgen op persoonlijk en familiaal vlak, hebben CVAs een belangrijke sociaal-economische impact, zowel direct (acute hospitalisatie, revalidatie, medische complicaties) als indirect (verminderde productiviteit en kosten van zorgverlening). Geschat wordt dat de directe kosten in de acute setting per patiënt 44.600 EUR bedragen. In de geïndustrialiseerde landen zou 2-4 % van het nationaal gezondheidsbudget worden besteed aan behandeling van patiënten met een CVA, met daarin langere hospitalisatieduur en initiële ernst van het CVA als belangrijkste determinanten voor een hoge directe kost. De ernst van het CVA correleert goed met het optreden van complicaties, de mate van functioneel herstel en de totale hospitalisatieduur. Een acuut ischemisch CVA is een progressief en dynamisch proces van minuten tot uren waarbij het in het beginstadium moeilijk tot onmogelijk is de reversibiliteit van het bloeddoorstromingsprobleem klinisch te voorspellen, met andere woorden het onderscheid te maken tussen een permanent infarct (CVA) dan wel een tijdelijke ischemische aanval (TIA). Een TIA echter verhoogt in aanzienlijke mate het risico op een CVA en is in feite een waarschuwing dat de bloeddoorstroming in de hersenen niet optimaal is. In de klinische praktijk is het dus van primordiaal belang een adequaat agressieve behandeling in de acute fase van een TIA of CVA in te stellen. Na een TIA of CVA worden de risicofactoren best zo spoedig mogelijk onderzocht en indien mogelijk behandeld. Daarnaast wordt als secundaire preventie medicatie opgestart om klontervorming te voorkomen. Bij een herseninfarct kan men in de acute fase trombolyse toepassen waarbij men probeert de verantwoordelijke klonter(s) op te lossen. Ondanks de routinematige implementatie van trombolyse in gespecialiseerde stroke units, wordt slechts bij 2-4% van alle patiënten die zich presenteren met een CVA deze therapie toegepast, voornamelijk ten gevolge van verstrijken van het strikt therapeutisch tijdsvenster en exclusiecriteria ter garantie van de veiligheid van de patiënt. Het vroegtijdig herkennen van de symptomen door patiënt en zijn/haar omgeving is essentieel voor een optimale beroertezorg. De Belgische Vereniging tegen Cerebrovasculaire Accidenten en de Belgian Stroke Council organiseren jaarlijks op 29 Oktober, Wereld Stroke Dag, een sensibiliseringscampagne waaraan de dienst Neurologie & Stroke Unit – ZNA Middelheim onder leiding van Prof. Dr. P. P. De Deyn, een bijdrage levert met als uiteindelijk doel het reduceren van de enorme impact van een CVA op persoonlijk, familiaal en maatschappelijk vlak. Voor meer informatie kunt u terecht op www.herkeneenberoerte.be of bij uw arts. Klik hier voor een presentatie van de symptomen.
Voor zorgverstrekkers nog enkele referenties bij deze tekst: - Devroey D, Van Casteren V, Buntinx F. (2003) Registration of stroke through the Belgian sentinel network and factors influencing stroke mortality. Cerebrovasc Dis. 16(3):272-9.
- Laloux P, Belgian Stroke Council (2003) Cost of acute stroke. A review. Acta Neurol Belg. 103(2):71-7.
- Hackett ML, Yapa C, Parag V, Anderson CS. (2005)Frequency of depression after stroke: a systematic review of observational studies. Stroke. 36(6):1330-40.
- Dam H. (2001) Depression in stroke patients 7 years following stroke. Acta Psychiatr Scand. 103(4):287-93.
- Sachdev PS, Brodaty H, Valenzuela MJ, Lorentz L, Looi JC, Berman K, Ross A, Wen W, Zagami AS. (2006) Clinical determinants of dementia and mild cognitive impairment following ischaemic stroke: the Sydney Stroke Study. Dement Geriatr Cogn Disord. 21(5-6):275-83.
- Dawson J, Lees JS, Chang TP, Walters MR, Ali M, Davis SM, Diener HC, Lees KR; GAIN and VISTA Investigators. (2007) Association between disability measures and healthcare costs after initial treatment for acute stroke. Stroke 38(6):1893-8.
- Appelros P, Nydevik I, Viitanen M. (2003) Poor outcome after first-ever stroke: predictors for death, dependency, and recurrent stroke within the first year. Stroke 34(1):122-6.
- National Institute of Neurological Disorders and Stroke rt-PA Stroke Study Group(1995)Tissue plasminogen activator for acute ischemic stroke. N Engl J Med. 14;333(24):1581-7.
- Hacke W, Donnan G, Fieschi C, Kaste M, von Kummer R, Broderick JP, Brott T,
- Frankel M, Grotta JC, Haley EC Jr, Kwiatkowski T, Levine SR, Lewandowski C, Lu M, Lyden P, Marler JR, Patel S, Tilley BC, Albers G, Bluhmki E, Wilhelm M, Hamilton S; ATLANTIS Trials Investigators; ECASS Trials Investigators; NINDS rt-PA Study Group Investigators. (2004) Association of outcome with early stroke treatment: pooled analysis of ATLANTIS, ECASS, and NINDS rt-PA stroke trials. Lancet 363(9411):768-74.
- Wahlgren N, Ahmed N, Davalos A, Ford GA, Grond M, Hacke W, Hennerici MG, Kaste M, Kuelkens S, Larrue V, Lees KR, Roine RO, Soinne L, Toni D, Vanhooren G; SITS-MOST investigators (2007) Thrombolysis with alteplase for acute ischaemic stroke in the Safe Implementation of Thrombolysis in Stroke-Monitoring Study (SITS-MOST): an observational study. Lancet. 369(9558):275-82.
- del Zoppo GJ, Higashida RT, Furlan AJ, Pessin MS, Rowley HA, Gent M. (1998) PROACT: a phase II randomized trial of recombinant pro-urokinase by direct arterial delivery in acute middle cerebral artery stroke. PROACT Investigators. Prolyse in Acute Cerebral Thromboembolism. Stroke 29(1):4-11.
- Brekenfeld C, Remonda L, Nedeltchev K, Arnold M, Mattle HP, Fischer U, Kappeler L, Schroth G. 2007 Symptomatic intracranial haemorrhage after intra-arterial thrombolysis in acute ischaemic stroke: assessment of 294 patients treated with urokinase. Neurol Neurosurg Psychiatry. 78(3):280-5.
- Lansberg MG, Bluhmki E, Thijs VN. (2009) Efficacy and safety of tissue plasminogen activator 3 to 4.5 hours after acute ischemic stroke: a metaanalysis. Stroke;40(7):2438-41.
Bekijk nog enkele extra links:
|
|