Verloop

Je wordt volledig verdoofd.

Je arts maakt een incisie van het pubisbeen (schaambeen) tot enkele centimeters boven de navel. Hierlangs wordt je blaas verwijderd.

Soms kan de blaas via een kijkoperatie verwijderd worden. Hierbij wordt de blaas losgemaakt via kleine sneetjes en wordt de urineomleiding volledig inwendig of via een kleinere snee van 10-tal centimeter aangelegd. 

Als de blaas verwijderd is, moet de urine op een andere manier je lichaam verlaten. 

Er zijn verschillende mogelijkheden:

  • Urostoma volgens ‘Bricker’

Tijdens de operatie zal, van een stukje dunne darm van ongeveer 15cm een nieuwe uitgang (urinestoma) gemaakt worden. Urine die door de nieren wordt uitgescheiden, kan dan worden opgevangen met een stomazakje dat op de buik wordt geplakt.

  • Vervangblaas

Wanneer de plasbuis intact gelaten kan worden, kan een nieuwe blaas gemaakt worden van een stuk dunne darm van ongeveer 60 cm. De nieuwe blaas wordt dan op de plasbuis aangesloten. Na een trainingsperiode kan je terug ‘normaal’ plassen.

  • Katheriseerbaar continent stoma

Tijdens de operatie worden van het laatste deel van de dunne darm en het eerste stuk van de dikke darm vrijgemaakt. In dit gedeelte zit een klep die voorkomt dat je ontlasting terugstroomt naar de dunne darm.

Van dit vrijgemaakte deel van de darm zal een opvangreservoir worden gemaakt. De klep functioneert dan als afsluiting waardoor de urine in het reservoir blijft. De uroloog maakt een verbinding naar de buikwand met een kleine opening bij de navel. Dit katheteriseerbare stoma is zeer klein en kan je gemakkelijk camoufleren, het moet wel om de vier uur via een sonde worden leeggemaakt. 

Bij het beëindigen van de ingreep worden wonddrains geplaatst. Als je een darmblaas of een katheriseerbaar reservoir kreeg, zal er een extra blaassonde via de onderbuik geplaatst worden.

Laatste update op: 04-05-2016