Gastroscopie

 

Bij een gastroscopie brengt de gastro-enteroloog een soepel dun buisje, waaraan een lichtbron en een videocamera verbonden zijn, via je keel in je slokdarm, maag en twaalfvingerige darm.  

Tijdens dit onderzoek kunnen ook:

  • biopsies (weefselstukjes voor onderzoek in het labo) genomen worden;
  • bloedingen gestopt worden; 
  • vreemde voorwerpen of abnormaal weefsel verwijderd worden.

Wanneer een gastroscopie?

Een gastroscopie laat toe een veelheid aan klachten en ziekten van de slokdarm (bijv. reflux, andere ontsteking, vernauwing, vreemd voorwerp…), maag (zweer, opsporing Helicobacter-bacterie, gezwel,…) en twaalfvingerige darm (zweren…) te onderzoeken en te behandelen.

Aandachtspunten

  • Wanneer je voor volledige verdoving kiest mag je na het onderzoek geen auto besturen of gaan werken tot de dag na het onderzoek. Vraag zo nodig een arbeidsongeschiktheids-attest.
  • Verwikkelingen zijn zeer uitzonderlijk na een gastroscopie. 

Wanneer je abnormale pijn blijft hebben, donkere of rode stoelgang ervaart of koorts hebt, neem dan contact op met de spoedafdeling. 

Laatste update op: 05-04-2016
Auteur(s): Team Maag- en darmziekten (Gastro-enterologie)