Nazorg

  • Kort na de behandeling kan je een paar dagen ongewild urine verliezen. 
  • Er kan de eerste twee weken bloed bij uw urine zitten. Dit neemt geleidelijk af.
  • We raden je aan dagelijks voldoende te drinken (minimaal 1 à 2 liter). Zo spoel je je nieren en blaas op een natuurlijke manier.
  • Afhankelijk van de reden waarom je een stent krijgt, kan deze langere tijd in je lichaam blijven. 

Complicaties

  • Een paar dagen ongewild urine verlies is normaal. 
  • De eerste twee weken kan er bloed bij je urine zitten. Dit neemt geleidelijk af.
  • Drink voldoende (minimaal 1,5 à 2 liter). 
  • Afhankelijk van de reden waarom je een stent krijgt, kan deze langere tijd in je lichaam blijven. 
  • De urineleider kan door het inbrengen van de stent geperforeerd raken. Hierdoor kan urinelekkage ontstaan. Dit gebeurt alleen bij hoge uitzondering. 
  • De krul in de blaas kan een toegenomen plasdrang veroorzaken. Eventueel kan je uroloog of huisarts hiervoor speciale medicatie voorschrijven.
  • Tijdens het plassen kan er wat urine door de stent naar de nier teruglopen. Dit kan een wat onaangenaam gevoel veroorzaken in de nierstreek. Dit is normaal, maar als je hier veel last van hebt kan je paracetamol innemen.

Neem contact op met je arts wanneer er veel bloed of bloedstolsels in je urine zitten, als je plots hoge koorts krijgt, als je niet meer kunt plassen of als je pijnlijke krampen hebt in je nierstreek .

Verwijderen van de stent

Een katheter verwijderen gaat op dezelfde manier als het inbrengen. Je plasbuis wordt verdoofd d.m.v. gel. De uroloog brengt via de kijkbuis een klein tangetje in, waarmee hij de stent verwijdert. Dit kan op de raadpleging urologie of in het operatiekwartier gebeuren.

Laatste update op: 08-05-2016